Check de gevolgen van een opzegging door een werknemer

op 08/09/21 in Arbeid, medezeggenschap & pensioen, Corona, Arbeid, medezeggenschap & pensioen,

Als een werknemer zijn arbeidsovereenkomst opzegt, en geen nieuwe baan heeft, dan moet er bij de werkgever een aantal alarmbellen gaan rinkelen. Als een werknemer namelijk zelf zijn arbeidsovereenkomst opzegt, dan komt hij niet in aanmerking voor een WW-uitkering. Dat realiseert een werknemer zich niet altijd en als dat dus later duidelijk wordt, dan kan het zijn dat de werknemer met succes de opzegging ongedaan kan maken.

De zorgplicht van een werkgever reikt namelijk zo ver dat hij zich ervan moet verzekeren dat een werknemer zich bewust is van de gevolgen van de opzegging (waaronder geen recht op een WW-uitkering). Ook moet de wil van de werknemer om op te zeggen vaststaan. Er moet sprake zijn van een ‘duidelijke en ondubbelzinnige verklaring is die is gericht op het beëindigen van de arbeidsovereenkomst’. Dat hier niet lichtvaardig over mag worden gedacht, blijkt uit een recente uitspraak van de Rechtbank Noord-Holland.

Discussie over mondkapjesplicht

Het ging in deze zaak om een onderwijsassistente die sinds 2009 in dienst was bij een middelbare school. In het najaar van 2020 ontstond er een discussie op de school over het dragen van mondkapjes. Dit resulteerde in een ziekmelding. De bedrijfsarts oordeelde dat er geen sprake was van medische arbeidsongeschiktheid, maar van een arbeidsconflict. Partijen zijn vervolgens in gesprek gegaan en de lucht leek te zijn geklaard. De werkneemster gaf echter na enige tijd weer aan het niet eens te zijn met de mondkapjesplicht, en stelde zij dat zij hier ziek van werd omdat ze de leerlingen ‘zag snakken naar adem’. Vervolgens gaf de werkneemster ook aan dat zij overspannen was en psychisch overbelast.

Opzegging werkneemster

In een gesprek in december 2020 is er gesproken over de mogelijkheid dat werkgever en werkneemster afscheid van elkaar zouden nemen. De werkgever stuurde naderhand nog een e-mail waarin wordt afgesloten met twee keuzes: of de werkneemster trad uit dienst met een vergoeding van € 2.000,- bruto, of de werkneemster zou haar werkzaamheden moeten gaan hervatten. De werkneemster nam hierop ontslag door middel van het sturen van drie verschillende e-mails aan drie verschillende personen. Zij stuurde vervolgens ook een bericht aan haar collega’s waarin ze haar vertrek aankondigde en aangaf dat zij zich zou gaan focussen op haar eigen coaching praktijk.

In de ontslagbrief die zij hierna stuurde schrijft zij onder andere het volgende: ‘’(…) Rest mij, om aan te geven dat wanneer de waarheid boven water komt en blijkt dat ik gelijk had (heb), ik het zal waarderen dat mijn indiening van mijn ontslag onterecht gebleken zal zijn. (…) Hierbij verklaar ik dat ik gedwongen wordt (zie bovenstaande verklaring) om per 31 december 2020 mijn contract te moeten verbreken.’’ Een aantal dagen later herriep zij haar ontslagname en staat vervolgens tussen partijen ter discussie of de arbeidsovereenkomst is opgezegd.

Oordeel kantonrechter

Hoewel de werkneemster haar afscheid aan haar collega’s al had aangekondigd, oordeelt de kantonrechter dat de werkneemster de arbeidsovereenkomst niet heeft opgezegd omdat er geen sprake is van een duidelijke en ondubbelzinnige verklaring die gericht is op beëindiging van de arbeidsovereenkomst. De kantonrechter hecht hierbij waarde aan het warrige taalgebruik van de werkneemster en haar mededeling dat zij wel achter haar opzegging staat, maar niet achter het grote financiële gat dat hierdoor ontstaat. Ook gaf de werkneemster meerdere malen aan dat het voelde alsof dat zij geen keuze had.

De werkgever had in deze zaak dus niet achterover mogen leunen, maar had onderzoek moeten doen of de werkneemster daadwerkelijk haar arbeidsovereenkomst wilde beëindigen. Zeker gezien de emotionele status waarin de werkneemster al enige tijd verkeerde waardoor zij de nadelige (financiële) gevolgen van een eenzijdige opzegging naar alle waarschijnlijkheid niet voldoende kon overzien. Dat de werkgever hier geen onderzoek naar heeft gedaan en de beëindiging van het dienstverband per 1 januari 2021 heeft doorgevoerd kan haar volgens de kantonrechter dan ook worden aangerekend.

Conclusie

Een eenzijdige beëindiging van de arbeidsovereenkomst door de werknemer kan grote gevolgen voor hem meebrengen, waaronder het verval van het recht op een WW-uitkering. Wij adviseren werkgevers dan ook om zich er zo goed mogelijk van te verzekeren dat de opzegging een duidelijke en ondubbelzinnige verklaring bevat die is gericht op het beëindigen van de arbeidsovereenkomst. Ook raden wij aan om schriftelijk de opzegging aan de werknemer te bevestigen waarbij ook de gevolgen hiervan voor hem worden uiteengezet.

Voor vragen over dit onderwerp of andere arbeidsrechtelijke onderwerpen kunt u contact opnemen met Saskia van den Bergsaskia.vandenberg@dvan.nl, 06 83811174 of één van de andere leden van ons Team Arbeid & Medezeggenschap & Pensioen

Meer publicaties over dit onderwerp

reageren of vragen?

Vul de tekst die hieronder wordt weergeven in:


Reacties