"(VERBORGEN) CAMERATOEZICHT"

Het blijft oppassen!

door: Thijs van Liempd op 30/03/16 in Automotive , Arbeid, medezeggenschap & pensioen , ICT- & Privacyrecht ,

Onjuist inzetten van camera’s kan bijdragen tot de conclusie dat sprake is van ernstig verwijtbaar handelen van werkgever, met als gevolg het betalen van billijke (ontslag)vergoeding. 

In deze innovatieve tijden in de Automotive sector, hebben sommige werkgevers behoefte aan het inzetten van (verborgen) camera’s om het gedrag van hun werknemers te controleren.

Het controleren van werknemers met cameratoezicht mag, maar wel onder strenge voorwaarden. De rechtbank Noord-Nederland heeft op 24 februari 2016 een uitspraak gedaan in een geschil tussen een autobedrijf en een werknemer.

De uitspraak is lezenswaardig om meerdere redenen:

  1. De rechtbank gaat in op de eisen van cameratoezicht en de gevolgen van het onjuist inzetten daarvan.
  2. De rechtbank kent een billijke vergoeding toe, mede als gevolg van de handelswijze van het bedrijf.

In deze blog zal ik alleen ingaan op het cameratoezicht. Voordat ik nader op het cameratoezicht zal ingaan, zal ik heel kort de achtergrond schetsen van deze zaak.

WAT SPEELDE ER (WAT RELEVANT WAS VOOR HET CAMERATOEZICHT)?

Het bedrijf maakt bij de in- en uitgang van haar pand zichtbaar gebruik van camera’s. Dit is ook zo aangegeven bij de ingang van het pand. Begin 2014 is een verborgen camera bij de kassa opgehangen, omdat er bij het tellen weleens geld verdween. Begin 2015 heeft de werkgever een verborgen camera geplaatst bij een stelling in de showroom, omdat daar een slagmoersleutel van € 435 lag en deze al drie keer was verdwenen.

Het personeel van de vestiging heeft de verborgen camera’s ontdekt. Als gevolg daarvan hebben zij op 7 oktober 2015 een brief aan de directie gestuurd over het cameratoezicht binnen de vestiging. De betreffende werknemer in deze zaak is over deze brief flink aan de tand gevoeld en ook op non-actief gezet. De werkgever verzoekt ontbinding van de arbeidsovereenkomst op grond van verwijtbaar handelen dan wel verstoorde arbeidsrelatie.

RECHTSGELDIG CAMERATOEZICHT OP DE WERKVLOER?

Juridisch Kader
Voor een rechtsgeldig gebruik van camera’s op de werkvloer moet worden voldaan aan drie wetten:

  1. De Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp)
  2. De Wet op de ondernemingsraden (WOR)
  3. Het Wetboek van Strafrecht (Sr)

Over het algemeen geldt dat een werkgever een gerechtvaardigd belang moet hebben bij het cameratoezicht en dat het cameratoezicht noodzakelijk is. Tevens zal de werkgever een afweging moeten maken tussen zijn belangen en die van de werknemer. De ondernemingsraad moet instemmen met het plaatsen van personeelsvolgsystemen, waaronder ook camera’s worden verstaan.  Daarnaast moet een werkgever het mogelijke gebruik van (verborgen) camera’s duidelijk vooraf communiceren met de werknemers. Voor verborgen cameratoezicht geldt de aanvullende eis dat dit als laatste redmiddel wordt ingezet en dat als verborgen camera’s worden ingezet, dit achteraf met de werknemers wordt gecommuniceerd. Daarnaast moet een werkgever het (beleid omtrent) verborgen cameratoezicht vooraf aan de Autoriteit Persoonsgegevens melden, zodat deze voorafgaand onderzoek kan doen. 

Cameratoezicht
Het bedrijf heeft volgens de rechter niet voldaan aan de regels omtrent cameratoezicht en wel om de volgende redenen:

  1. Het cameratoezicht is niet ter instemming aan de OR voorgelegd. Dat het bedrijf geen OR heeft doet hier niets aan af, zij had dan beter haar best moeten doen om de werknemers te enthousiasmeren om OR-lid te worden.
  2. Het bedrijf heeft bij een gebrek aan een OR, niet het personeel ingelicht over het gebruik van (verborgen) cameratoezicht.
  3. Het bedrijf heeft het cameratoezicht niet gemeld bij de Autoriteit Persoonsgegevens.

Dit maakt dat het bedrijf volgens de kantonrechter verwijtbaar heeft gehandeld.

EN NU?

Uit deze uitspraak blijkt duidelijk dat het onjuist inzetten van camera’s kan bijdragen tot de conclusie dat sprake is van ernstig verwijtbaar handelen van de werkgever, waardoor een billijke vergoeding moet worden betaald. Het is dus van belang om de regels over cameratoezicht juist toe te passen. Dit geldt des te meer nu de Autoriteit Persoonsgegevens een boetebevoegdheid bij overtreding van de Wbp heeft gekregen, welke maximaal € 820.000 bedraagt!

NB: op 28 januari 2016 publiceerde de Autoriteit Persoonsgegevens de beleidsregels omtrent cameratoezicht, welke zijn te vinden op: https://autoriteitpersoonsgegevens.nl/nl/onderwerpen/cameratoezicht/cameratoezicht-op-de-werkplek

Bron: Rechtbank Noord-Holland 24 februari 2016, ECLI:NL:RBNNE:2016:714

reageren of vragen?

Vul de tekst die hieronder wordt weergeven in:


Reacties