"Europees bankbeslag"

Grensoverschrijdende vorderingen

door: Arjen Gabel op 05/01/17 in Geschillen & procedures , Insolventierecht ,

Houd hier rekening mee als je beslag gaat of laat leggen in het buitenland

beslagparadijs

Nederland wordt wel eens ‘beslagparadijs’ genoemd. In tegenstelling tot andere Europese landen kent de Nederlandse wetgeving ruime mogelijkheden om vooruitlopend op een vonnis van de rechter beslag te leggen op goederen van de schuldenaar. Op relatief eenvoudige wijze kan een schuldeiser zijn later te verkrijgen verhaalsrechten zoveel mogelijk op voorhand veilig stellen. Onder andere het zogeheten conservatoire (‘bewarende’) bankbeslag wordt veel gebruikt. Op verzoek van de schuldeiser kan de voorzieningenrechter verlof verlenen voor het leggen van beslag onder de bank van de schuldenaar. Met dat beslag worden de eventuele tegoeden van de schuldenaar bij zijn bank bevroren ten gunste van de schuldeiser. Een later verkregen vonnis kan dan vervolgens op die bevroren tegoeden worden verhaald.

grensoverschrijdende vorderingen

Bij grensoverschrijdende vorderingen treden echter moeilijkheden op als er beslag in het buitenland moet worden gelegd. Dit vanwege het territorialiteitsbeginsel en de verschillende nationale rechtsregels. Veel landen binnen de EU kennen de mogelijkheid van conservatoir beslag niet of nauwelijks. En als die mogelijkheid al wel bestaat, zal er in beginsel ook nog in het desbetreffende land een procedure gevolgd moeten worden. Vanaf 18 januari 2017 worden de mogelijkheden om beslag te kunnen leggen onder banken in andere EU-landen verruimd met de inwerkingtreding van een EU-Verordening[1]. In grensoverschrijdende conflicten wordt het mogelijk om beslag te laten leggen op banktegoeden van de schuldenaar in het buitenland middels de zogenaamde European Account Preservation Order (EAPO). We kunnen spreken van een Europees conservatoir bankbeslag.

Een EAPO kan straks zowel vóór of tijdens een gerechtelijke procedure worden aangevraagd alsook na afloop van zo’n procedure als er een rechterlijke beslissing is gegeven en de schuldeiser dus een ‘executoriale titel’ heeft. In beide situaties is er steeds sprake van een bewarende maatregel. Het betreft een zelfstandige procedure die als alternatief geldt naast bestaande nationale procedures van de lidstaten. Een EAPO kan worden verkregen voor geldvorderingen in grensoverschrijdende burgerlijke- en handelszaken. Van grensoverschrijding is sprake als de bankrekening van de schuldenaar zich in een andere lidstaat bevindt dan de lidstaat waar de EAPO wordt aangevraagd of wanneer deze zich bevindt in een andere lidstaat dan de lidstaat waar de schuldeiser woonplaats heeft of gevestigd is.

verschillen tussen het nederlandse en europese bankbeslag

Tussen het Nederlandse en het Europese bankbeslag zitten meerdere verschillen. Zonder volledig te willen zijn, volgen hier een paar voorbeelden.

‘Vrees voor verduistering’

Bij het aanvragen van verlof voor het leggen van conservatoir bankbeslag is het in Nederland niet nodig om de zogenaamde ‘vrees voor verduistering’ te stellen. Voor het aanvragen van een EAPO daarentegen zal de schuldeiser met overlegging van bewijzen aan moeten tonen dat zonder de EAPO het reële risico bestaat dat latere inning van de vordering onmogelijk zal zijn of wordt bemoeilijkt. Deze eis betekent een drempel ten nadele van de schuldeiser.

Beperkte blokkering bankrekening en rangorde cumulatieve beslagen

Een EAPO blokkeert de beslagen bankrekening van de schuldenaar slechts tot de hoogte van het in de EAPO vermelde bedrag. Een in Nederland krachtens ons nationale recht gelegd bankbeslag treft in beginsel het gehele tegoed van de schuldenaar. Het beslag is dus niet beperkt tot het bedrag waarvoor het beslag is gelegd.

Dat laatste lijkt misschien vreemd, maar men moet deze regel begrijpen vanuit het leerstuk van ‘cumulatieve beslagen’. Er kunnen meerdere schuldeisers zijn die ten laste van dezelfde schuldenaar beslag laten leggen op hetzelfde tegoed. In Nederland schept beslag geen voorrang. Een eerder gelegd beslag gaat bij de verdeling van het beslagen tegoed dus niet vóór op een later gelegd beslag. Alle beslagleggers delen naar verhouding van ieders vordering in het tegoed. Dat heeft tot gevolg dat bij meerdere beslagen ‘verwatering’ optreedt. Deze verwatering wordt (deels) gecompenseerd doordat de individuele beslagen het gehele tegoed omvatten en niet beperkt zijn tot het bedrag van de vordering.

Wanneer er nu in lidstaten die eenzelfde regel inzake cumulatieve beslagen hebben als in Nederland een beslag plaatsvindt via een EAPO, zou ongelijkheid kunnen ontstaan. In dat geval is het beslag namelijk wel beperkt tot het bedrag van de vordering waarvoor beslag is gelegd. Bij meerdere beslagen is het risico op een lager aandeel als gevolg van verwatering bij verdeling van het tegoed dan aanzienlijk groter.

Stellen van zekerheid

De schuldeiser die nog geen executoriale titel heeft verkregen, zal voorafgaand aan de verlening van een EAPO zekerheid moeten stellen ter dekking van de schade die eventueel het gevolg is van het beslag. De rechter stelt vast voor welk bedrag die zekerheid gesteld moet worden en in welke vorm (bijvoorbeeld een bankgarantie). Dit is uitgangspunt. Slechts in uitzonderingsgevallen kan door de rechter van deze regel worden afgeweken. In Nederland is het andersom. Hier kán de rechter verlof tot het leggen van conservatoir beslag verlenen onder de voorwaarde dat er zekerheid wordt gesteld. In de praktijk gebeurt dat zelden. De regel bij het Europese bankbeslag dat door de schuldeiser op voorhand zekerheid gesteld moet worden is nadelig voor de schuldeiser. Wel moet worden opgemerkt dat (ook) in Nederland een beslaglegger in beginsel altijd aansprakelijkheid draagt in het geval het beslag achteraf gezien onrechtmatig is gelegd.

Verzoek om rekeninginformatie

Pluspunt van de Europese regeling van het conservatoire bankbeslag is dat een schuldeiser die al in het bezit is van een uitvoerbare executoriale titel een zogenaamd verzoek om rekeninginformatie kan doen. Als dit verzoek door de bevoegde rechter wordt gehonoreerd, kunnen de bankrekeningen van de schuldenaar worden getraceerd. De schuldeiser krijgt de verkregen informatie overigens niet zelf. Die informatie wordt ter beschikking gesteld aan de bevoegde rechter, die vervolgens in de EAPO vermeldt op welke rekening het beslag mag worden gelegd. In het Nederlandse beslagrecht bestaat deze mogelijkheid niet. Als de schuldeiser niet bekend is met bankrekeningen van de schuldenaar, is een schuldeiser in Nederland aangewezen op andere methodes om achter bankrekeningen te komen. Zo kan bijvoorbeeld een onderzoeksbureau worden ingeschakeld of de schuldeiser kan kiezen voor het leggen van een zogenaamd multibankbeslag. Met dat laatste wordt beslag gelegd onder bijvoorbeeld de vijf grootste banken in Nederland en zal naderhand blijken of één of meerdere beslagen doel hebben getroffen. Aan deze methodes zijn evenwel nadelen verbonden. De bespreking daarvan gaat het bestek van dit artikel te buiten.

Tot slot

Wilt u meer weten over de mogelijkheden van het Europese bankbeslag? Neem dan vrijblijvend contact op met Arjen Gabel, bereikbaar via +31 30 285 03 26.

[1] Verordening (EU) nr. 655/2014 van 15 mei 2014, PbEU 2014, L 189

reageren of vragen?

Vul de tekst die hieronder wordt weergeven in:


Reacties