"Berekening billijke vergoeding"

Kantonrechtersformule terug van weggeweest?

door: Claudia Mens op 25/02/16 in Arbeid, medezeggenschap & pensioen ,

Hoogte billijke vergoedingen lopen sterk uiteen.

De billijke vergoeding is de ontslagvergoeding die een rechter sinds de invoering van de Wet Werk en Zekerheid (1 juli 2015) onder omstandigheden kan toekennen aan een werknemer, naast de transitievergoeding. De billijke vergoeding is een nieuw soort vergoeding en de mogelijkheid voor het toekennen van een billijke vergoeding is slechts aan de orde in uitzonderlijke gevallen. In ieder geval dient een partij bij het eindigen van de arbeidsovereenkomst ernstig verwijtbaar te handelen of na te laten. Uit de toelichting van de wet blijkt dat het echt om ernstige gevallen dient te gaan, ook wel het zogenoemde “muizengaatje”.

In de wet is, anders dan bij de transitievergoeding, over de hoogte van de billijke vergoeding niets bepaald. Wel is tijdens de parlementaire behandeling van de Wet Werk en Zekerheid aangegeven dat de vergoeding niet moet worden gerelateerd aan (verwachte) inkomensschade als gevolg van het ontslag. Deze wordt namelijk al verdisconteerd in de transitievergoeding. Criteria als loon en lengte dienstverband, die nu onderdeel uitmaken van de kantonrechtersformule, hoeven bij de berekening geen rol te spelen. Er dient hoofdzakelijk te worden gekeken naar de ernst en verwijtbaarheid van het gedrag van de werkgever. Hoe daar dan vervolgens een prijskaartje op geplakt moet worden, is niet nader ingekleurd. Gevolg hiervan is dat de hoogte van vergoedingen sterk uiteen kunnen lopen.

Kantonrechter Amsterdam 29 januari 2016

De bedoeling van de wetgever was dat een rechter de mogelijk dient te behouden om de hoogte van de vergoeding te bepalen op een wijze die op het niveau ligt dat aansluit bij de uitzonderlijke omstandigheden van het geval. Een formule leent zich er niet voor alle omstandigheden mee te wegen. We dachten dan ook dat we de kantonrechtersformule niet meer zouden terugzien. Niets is echter minder waar. De kantonrechter Amsterdam oordeelde onlangs dat ingeval een billijke vergoeding aan de orde is in beginsel de kantonrechtersformule ook hier bruikbaar is, met de kanttekening dat de vergoeding soms nogal hoog kan uitvallen maar soms ook aan de lage kant kan zijn. Wat speelde er in deze zaak?

Werkgever had in eerste instantie bij het UWV een ontslag voor werknemer aangevraagd vanwege bedrijfseconomische redenen. Het UWV wees de aanvraag af. Vervolgens heeft werkgever zich tot de kantonrechter gewend met het verzoek de arbeidsovereenkomst te ontbinden vanwege een verstoorde arbeidsrelatie. Werknemer verzoekt in de procedure betaling van een transitievergoeding en daarnaast een billijke vergoeding wegens ernstig verwijtbaar handelen van werkgever. Werkgever zou het voor werknemer onmogelijk hebben gemaakt om te kunnen werken en daarnaast een verstoorde arbeidsrelatie geconstrueerd hebben.

De kantonrechter oordeelt echter dat er geen sprake is van een verstoorde arbeidsrelatie. Toch ontbindt de kantonrechter de arbeidsovereenkomst omdat van werkgever niet kon worden gevergd de arbeidsovereenkomst met werknemer voort te zetten, vanwege kortweg het betrokken ondernemersbelang. De kantonrechter is van mening dat er naast de transitievergoeding ook een billijke vergoeding toegekend dient te worden, omdat werkgever de beëindiging van de arbeidsovereenkomst onvermijdelijk zou hebben gemaakt en werkgever daardoor ernstig verwijtbaar handelde.

Kantonrechtersformule juiste maatstaf?

Zoals aangegeven heeft de kantonrechter voor de berekening van de hoogte van de vergoeding in deze zaak aansluiting gezocht bij de maatstaven zoals verankerd in de kantonrechtersformule. Deze uitkomst is best verrassend te noemen. Deze maatstaf strookt namelijk niet met de bedoeling van de wetgever, welke inhoudt dat er gekeken dient te worden naar de ernst van de verwijtbaarheid in een bepaalde situatie waarbij de omstandigheden van het geval een rol spelen. Ik denk dan ook niet dat deze uitspraak in hoger beroep overeind blijft staan. Wel laat deze uitspraak zien dat veel rechters een weg proberen te zoeken in de mogelijkheden die de nieuwe wet biedt. De vraag blijft of het wenselijk is dat de hoogte van de billijke vergoedingen sterk uiteenlopen. Wellicht dat er na een aantal jaar een lijn ontdekt kan worden in de uitspraken van rechters omtrent het vaststellen van de hoogte van de billijke vergoeding.

reageren of vragen?

Vul de tekst die hieronder wordt weergeven in:


Reacties